Use GTranslate to translate this website. We take no responsibility for the accuracy of the translation.

Select language

Terugblik herdenking 4 mei 2026

Gepubliceerd:
Toespraak ter gelegenheid van de herdenking 4 mei door burgemeester Marvin Polak.

Geachte aanwezigen,

Ieder jaar komen wij hier samen om te herdenken.
Om stil te staan bij de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.
Bij miljoenen mensen die hun leven verloren door oorlog, vervolging en uitsluiting.
Zojuist zijn wij twee minuten stil geweest.
Stil, voor hen die er niet meer zijn.
Maar ook stil, om te beseffen wat er is gebeurd.
En misschien nog wel het meest onthutsende: hoe het heeft kunnen gebeuren.
Wanneer wij spreken over de Holocaust, denken we vaak aan de vernietigingskampen.
Aan Auschwitz, Sobibor, Treblinka.
Aan de onvoorstelbare aantallen mensen die daar zijn vermoord.
Maar wat we soms minder scherp voor ogen hebben,
is wat daaraan voorafging.
Want de Holocaust begon niet met vernietigingskampen.
De Holocaust begon met besluiten.
Met regels.
Met formulieren, voorschriften en verboden.
Met kleine stappen, ogenschijnlijk los van elkaar.
Stap voor stap werd het leven van Joodse Nederlanders ingeperkt.
Stel u één kind voor: 
David. 10 jaar oud.
Hier geboren. Hier opgegroeid. Gewoon een Nederlands kind.
Hij gaat naar school, speelt buiten met vriendjes en helpt zijn ouders af en toe in de winkel.
Op een dag hoort zijn vader dat hij zijn zaak moet opgeven.
Joden mogen geen eigen bedrijf meer hebben.
Niet veel later mag David niet meer naar zijn eigen school.
Zijn plek wordt hem afgenomen.
Zijn vriendjes verdwijnen uit beeld,
zonder afscheid.
Even later volgen nieuwe regels.
Niet meer naar het park.
Niet meer naar de bioscoop.
Niet meer zwemmen.
Steeds iets minder.
Steeds iets nauwer.

De wereld van David wordt kleiner.
Maar hij is een kind. Hij probeert zich aan te passen.
Dan komt de ster.
Vanaf dat moment moet hij zichtbaar maken wie hij is.
Op straat kijken mensen anders naar hem.
Sommigen zeggen niets meer.
Anderen steken de straat over.
Genegeerd. Gemeden.

Thuis praten zijn ouders zachter.
Niet omdat ze willen fluisteren,
maar omdat woorden gevaarlijk zijn geworden.
Later mag het gezin niet meer reizen.
Niet meer met de tram.
Niet meer vrij door de stad.
En uiteindelijk…
moeten ze hun huis verlaten.
Wat begon met een regel hier en een verbod daar,
is langzaam veranderd in een situatie
waarin er geen plek meer is om te leven.
En als wij daar nu op terugkijken,
lijkt het onvoorstelbaar dat dit heeft kunnen gebeuren.
Maar voor de mensen die er middenin stonden,
gebeurde het niet van de ene op de andere dag.
Het gebeurde geleidelijk.
Elke maatregel op zichzelf leek misschien nog te bevatten.
Misschien tijdelijk.
Misschien zelfs logisch verklaard door de bezetter.
En zo wende het.
Voor Joodse Nederlanders werd het leven steeds zwaarder,
steeds beperkter,
steeds ondragelijker.
En ondertussen
ging voor veel anderen het leven door.
Men zag veranderingen.
Men hoorde verhalen.
Maar het totale beeld…
dat was er vaak niet.
Niet omdat mensen per definitie onverschillig waren.
Maar omdat het proces zo geleidelijk verliep,
dat het moeilijk was om te overzien waar het naartoe ging.
En misschien ook…
omdat het makkelijker was om te denken
dat het zo’n vaart niet zou lopen.
Tot het moment kwam waarop terugkijken niet meer mogelijk was.
Waarop de gevolgen onomkeerbaar waren.
En juist daarom is het zo belangrijk
dat wij hier vandaag samenkomen.
Niet alleen om te herdenken wat er is gebeurd,
maar ook om stil te staan bij dat proces.
Bij hoe het begint.
Want het begint zelden met het ergste.
Het begint met kleine stappen.
Met verschuivingen die bijna ongemerkt plaatsvinden.
Met momenten waarop mensen denken:
het zal wel meevallen.
Met momenten waarop we wennen.
En misschien is dat wel het meest confronterende inzicht.
Dat niet alleen haat,
maar ook gewenning en wegkijken
een rol kunnen spelen.
Ik zeg dat hier niet om te oordelen over het verleden.
Want wij weten, met de kennis van nu, hoe het is afgelopen.
Maar de mensen toen…
die stonden er middenin.
En misschien is het juist daarom
dat wij onszelf die vraag moeten blijven stellen:
Zouden wij het herkennen?
Zouden wij het zien,
als het stap voor stap verandert?
Of zouden ook wij denken:
dit is tijdelijk… dit gaat wel weer voorbij…


Dames en heren,
Herdenken is niet alleen herinneren.
Het is ook waakzaam blijven.
Bewust blijven van hoe kwetsbaar vrijheid kan zijn.
Hoe belangrijk het is om alert te blijven.

Om te blijven zien.
Om te blijven luisteren.
Zodat kleine stapjes van destijds,
Nu weer opgemerkt zullen worden.
En om, waar nodig, niet stil te blijven.
Laten wij daarom blijven herdenken.
Blijven vertellen.
Blijven beseffen wat er kan gebeuren
als we het niet doen.
Opdat wij nooit vergeten.
Dank u wel.